|
for students researching the societies of Sub-Saharan AfricaThe
Africa Thesis Award for 2006 has been won by Ms Mienke van der Brug for her thesis
entitled
World &
Experiences of AIDS Orphans in North-Central Namibia. The jury was
delighted to be able to award Second Prize to Ms Janske van Eijck for her
thesis Transition towards Jatropha Biofuels in
Tanzania, An Analysis with Strategic Niche Management.
|
|
Read the jury's report (in Dutch)
(PDF file 16KB)
Summary
thesis Ms Van der Brug (PDF file)
Summary
thesis Ms Van Eijck (PDF file) |
| Eerste prijs
De jury is bijzonder onder de indruk van de kwaliteit van de scriptie van
Mienke van der Brug, World and Experiences of Aids orphans in North-Central
Namibia. Deze scriptie, voltooid aan de Universiteit Leiden onder
begeleiding van Dr. Sabine Luning aan de vakgroep Culturele Antropologie,
handelt over de positie van jonge kinderen in Namibiƫ die vanwege de AIDS-epidemie
een of beide ouders hebben verloren. De positie van deze kinderen is
bijzonder moeilijk. Zij behoren tot een kwetsbare leeftijdsgroep. Bovendien
hebben op vele terreinen de voorheen gebruikelijke verwantschapsstructuren
aan betekenis ingeboet, met name vanwege de slechte socio-economische
situatie. Daarnaast zijn er nauwelijks andere structuren van opvang en zorg
voor in de plaats gekomen. Deze kwetsbare positie wordt nog eens versterkt
door het sociale stigma dat aan AIDS, aan besmetting en de kans daarop, en
aan de vaak onvermijdelijke armoede die daarop volgt, kleeft. Sommige van
deze kinderen worden opgevangen in schooltjes en andere vormen van dagopvang
en leven vaak bij verre verwanten. De sociale en geestelijke verzorging van
deze kinderen zijn meestal niet optimaal.
|
|

 |
Mienke van der Brug heeft in haar veldwerk geprobeerd heel dicht bij de leef-
en belevingswereld van deze kinderen te kruipen. Daar word je in de
opleiding antropologie niet in getraind, en vaak ontbreekt in deze
discipline de aandacht voor het jonge kind als object van onderzoek. Er is
hierdoor in de antropologie van Afrika maar weinig ruimte voor de
ontwikkeling van onderzoek op dit terrein en dus is er weinig gedaan aan de
ontwikkeling van methoden die op de leefwereld van het kind zijn afgestemd.
De voor de antropologie gebruikelijke methode van participerende observatie
is, om voor de hand liggende redenen, vaak niet geschikt om door te dringen
in die leefwereld, eenvoudigweg omdat observeren misschien nog wel lukt maar
echt participeren vanwege het grote leeftijdsverschil toch onmogelijk is.
In de ogen van de jury legt Mienke grote inventiviteit aan de dag met het
ontwikkelen van een eigen onderzoeksmethode. Zij bleek in staat heel
indringende gesprekken te voeren over het leven van deze kinderen, het
verlies van hun ouders en hun ervaringen sinds die tijd. Vooral het gebruik
van kindertekeningen bleek daarbij uitstekend te werken om dergelijke
gesprekken met kinderen aan te knopen. Zij bracht daarvoor 14 kinderen in de
leeftijd van 10-11 jaar bij elkaar in een naschoolse club, de Kidsclub, en
hield daarmee lange gesprekken.
Daarnaast spreekt de jury ook haar waardering uit voor de respectvolle wijze
waarop Mienke met de kinderen, de onderwerpen van gesprek en hun kwetsbare
positie is omgegaan. Zij toont zich bijzonder gevoelig voor de ethische
vragen die aan onderzoek onder en met kinderen kleven en beschrijft in haar
scriptie nauwgezet hoe zij bepaalde vragen van deze aard in het praktische
doen van veldwerk heeft aangepakt.
Al met al is daardoor een bijzonder informatieve, prettig leesbare, maar
vooral ook gedegen scriptie ontstaan die ervan getuigt dat Mienke het
handwerk van toegang krijgen tot de leef- en belevingswereld van de ander in
Afrika zich meesterlijk eigen heeft gemaakt. Ook is de jury overtuigd van de
maatschappelijke relevantie van de scriptie door de manier waarop het
moeilijke onderwerpen zoals seksualiteit, de onwetendheid van onderwijzers
en verzorgers, en de angsten van kinderen dat zij ook door hun verzorgers in
de steek gelaten kunnen worden, bespreekbaar maakt. Het is om deze redenen
van kwaliteit en originaliteit dat de ASC/CODESRIA/NiZA jury graag de
Africa Thesis Award 2006 aan haar uitreikt.
|
|
 |
Tweede prijs
De jury is verheugd om ook een tweede prijs aan
te mogen kondigen. En dat is een heel andere scriptie. Ook een vrouw en
Afrika, maar dit keer een technicus in plaats van een sociale wetenschapper
en een onderwerp dat in tijden van hoge olieprijzen bijzonder veel aandacht
verdient. Dit is de scriptie van Janske van Eijck over alternatieve energie
in Tanzania. De titel luidt Transition towards Jatropha biofuels in
Tanzania, An analysis with Strategic niche management. Ook hier is het om redenen van kwaliteit
en originaliteit dat de jury graag de tweede prijs voor de Africa Thesis
Award 2006 aan haar uitreikt. Ook haar scriptie zal worden gepubliceerd door
het Afrika-Studiecentrum.
Meine Pieter van Dijk
Chairman of the jury
|
|

 |
 |
 |
 |
|